Den-Food-Bosch-1-1

In voedselbos Den Food Bosch zorgt de natuur voor evenwicht

Planten, struiken, bomen, bloemen, insecten, vlinders en andere dieren: in voedselbos Den Food Bosch houden honderden soorten elkaar in evenwicht. Voedselbosboer Ruud van der Aa: “We hebben vorige week een vogeltelling gedaan en er wonen al 37 verschillende vogelsoorten in het voedselbos.”

 

 
“Het voedselbos brengt ontzettend veel rust. Ik had eerst een baan op kantoor, daar wil iedereen wat van je en is het nogal een stressvol gedoe”, aldus voedselbosboer Ruud van der Aa, die het drie jaar oude Den Food Bosch sinds 2020 samen met zijn vrouw Merel beheert. “Hier in het voedselbos hoef je niks, dus kun je gewoon lekker aan de slag met de natuur.”
 
Het voedselbos in het Brabantse Sint-Michielgestel is 0,8 hectare groot en is gebaseerd op Syntropic Farming: een systeem dat is bedacht door de Zwitserse boer Ernst Götsch. “Net zoals andere voedselbossen bestaat ons voedselbos uit verschillende lagen. Zo groeien onder de grond bijvoorbeeld aardappels, dan heb je een bodembedekkende laag met munt en aardbeien, er staan bessenstruiken, kleine bomen met appels en peren en hoge notenbomen”, legt Ruud uit. “Wat Syntropic Farming anders maakt dan andere voedselbossen, is dat er meer pioniersbomen tussen de eetbare soorten staan. Dit zijn bomen die van nature ook als eerste op een plek ontstaan, en ze groeien heel snel, waardoor je binnen een paar jaar een bosklimaat hebt. Daar profiteren andere gewassen van. Een walnootboom doet het bijvoorbeeld een stuk beter middenin een bos dan in een kaal grasveld.”
 
Observeren

“Het is vooral veel observeren. Hoe groeien de planten, wat gebeurt er allemaal en welke soorten houden elkaar in evenwicht? In principe hoef je niet in te grijpen, omdat de natuur altijd wel met een oplossing komt”, stelt Ruud. “Zo hadden we vorig jaar een heleboel bladluizen op de appelbomen. Een traditionele fruitkweker pakt meteen de spuit, maar na drie weken waren ze allemaal weg. Met dank aan de rupsen, vogels en lieveheersbeestjes.”
 
Lokaal voedselsysteem

Op dit moment eten Ruud en Merel vooral nog zelf uit het voedselbos en verdienen ze hun boterham met ontwerp- en advieswerk voor voedselboeren in spé. Maar aangezien de oogst toeneemt, willen ze over twee jaar een Community Supported Agriculture systeem lanceren. “Mensen uit de lokale omgeving worden dan lid van het voedselbos en kunnen iedere week zelf komen oogsten. Zodat ze weten waar hun eten vandaan komt, en dat ook aan hun kinderen laten zien.” Verder is er iedere maand een rondleiding, waarin het stel uitlegt hoe het werkt en wat ze beter hadden kunnen aanpakken. Ruud: “Als er dan mensen naar je toe komen met allerlei vragen of zelfs een voedselbos willen beginnen, voelt het heel zinvol.”
 
Zelf aan de slag

Voor iedereen die aan de slag wil met een eigen voedselbos hebben Ruud en Merel advies. “Krijg eerst helder wat het doel van je voedselbos is. Wordt het een experimenteel bos met een educatief doel, ga je werk creëren voor een kwetsbare groep, of wil je produceren voor de lokale markt? In het laatste geval zal je bijvoorbeeld minder soorten aanplanten, zodat je iedere week al je CSA-leden van een volle groente- en fruittas kunt voorzien.” Voor de zoektocht naar land tippen ze Land van Ons: een stichting die landbouwgrond de eerste paar jaar voor een gereduceerde pacht aan voedselbosboeren beschikbaar stelt. “Want je kunt moeilijk bij een bank aankloppen en zeggen: ik wil graag een ton lenen en ik begin over tien jaar met terugbetalen.”
 
Dit verhaal is gemaakt door MaatschapWij: hét online inspiratieplatform voor een socialer, vitaler en duurzamer Nederland. Schrijf je hier in voor hun wekelijkse nieuwsbrief.
 
Video en tekst door: Nadine Maarhuis van MaatschapWij
Dronebeeld en foto’s in video door: Ruud van der Aa en Merel Graven